NO MORE WAR
ga naar Docville, naar 'Mariinka'
Gisteren gingen An en ik naar de cinema. In Leuven. Docville https://www.docville.be/programma/ (zoals steeds een topprogramma!) het fantastische documentairefestival ging van start. An heeft twintig jaar lang meegewerkt aan dit verhaal. Zo gaf ze ook de vorige film van Pieter-Jan De Pue uit. Land of the Enlightened. Pieter-Jan is geen gewone filmmaker. Het is iemand die er voor gaat. Iemand die om zijn film te promoten een koffer vol kogelhulzen van kalasjnikovs meebrengt uit Afghanistan. De film speelt twee keer op het festival, want de maker is Artist in Focus. En dat is helemaal terecht. Want gisteren is eindelijk zijn nieuwe film in première gegaan : Mariinka
https://www.docville.be/film/2026/mariinka-pieterjan-de-pue/
De film speelt nog. Maandag, en donderdag.
Ik heb het zelden meegemaakt. Dat ik zo onder de indruk was van iets wat zich op het grote scherm voor mijn ogen afspeelt.
Dat komt doordat de meeste films over oorlog films zijn.
Vietnam, de Golfoorlog. Imaginaire oorlogen. Heldenepossen.
Dit niet.
Dit is ‘the real deal’.
Oorlog in ‘t echt.
Toen we naar de cinema aan het wandelen waren, door de Bondgenotenlaan, passeerden we voorbij het gloednieuw ogende informatiecentrum van Defensie. Er zijn er nog, in elke provincie kun je je aansluiten bij het leger. https://www.mil.be/nl/contacteer-ons/informatiecentra/#
Vroeger was daar een meubelwinkel, zo wist An.
Ik wil een open brief schrijven. Al zal het niets, maar dan ook niets uithalen. Maar ik moet het doen. Voor mijn zonen. Voor mijn dochter. Voor al wie het niet schrijven kan, maar hetzelfde voelt.
Beste wereldleiders,
Beste Theo Francken,
Ga naar de film van Pieter-Jan De Pue kijken.
Volg met open mond het verhaal van vier broers waarvan er één kreupel is, één voor Rusland vecht, één voor Oekraïne, en één geadopteerd wordt door een Amerikaans koppel.
Zie daarbovenop twee ongelofelijk sterke meisjes die te snel vrouw moeten worden. De ene studeert geneeskunde omdat haar moeder gestorven is, en zij mensen wil helpen zoals ze haar eigen moeder had willen helpen. De andere jonge vrouw smokkelt àlles tot kinderen toe, wat men haar vraagt te smokkelen, terwijl de bommen rond haar oren vliegen en ze stoïcijns opmerkt dat ze iets moet doen om geld te verdienen, om erna als een soort fait divers op te merken ‘dat ze er écht niet genoeg van krijgen van al dat schieten.’ “Ze blijven maar schieten.” merkt ze terloops op, terwijl ze voortdoet.
De film heet niet zomaar ‘Mariinka’. Het is de naam van het dorp waar alle protagonisten vandaan komen. Het dorp is met de grond gelijk gemaakt. Angela mist haar dorp. Ze kan er niet naar terug, en denkt er ook nooit meer naar terug te kunnen keren.
De oorlog wordt getoond. In al zijn gruwel. De willekeur ook. Zelfs in het gesprek achteraf met de regisseur wordt er casual opgemerkt dat er wel momenten waren dat de granaatscherven zichtbaar in het rond vlogen.
De uitzichtloosheid van oorlog. De wreedheid van oorlog. Families die uit elkaar worden gereten. Letterlijk. Een jonge vrouw die ten einde raad is, omdat iedereen rond haar is gestorven.
Gisteren wist ik waarom ik het al maanden niet doe. Naar de gruwelbeelden van de oorlogen kijken. Ik kan er niet tegen.
Ik word er boos van. Ik word er radeloos van. Ik word er in- en intriest van.
Op het eind zegt één van de broers, ik denk de oudste, tegen de jongste, geadopteerde broer het volgende : “Al wie zegt dat je pas een man bent als je in het leger bent gegaan, die vergist zich. Het zijn zij die niét in het leger gaan die de slimme zijn.” Vervolgens tracht hij zijn jonge broer - die hij nooit meer in het echt heeft gezien sinds de jongste rond zijn vierde werd geadopteerd - te overtuigen om niét in het leger te gaan. En dat hij zijn testament heeft opgemaakt, de dag ervoor. De jongste krijgt tranen in zijn ogen. Uiteindelijk gaat hij zich bij het Amerikaanse leger voegen omdat hij denkt dat hij daar dingen kan doen die nog niemand van zijn familie heeft kunnen realiseren.
Het is bijna niet te geloven dat dit niet gescript is. Dat de enige die aan de oorlog is ontsnapt door adoptie het meest gefascineerd lijkt door wapens, een militaire opleiding. Hij speelt paint ball, om alvast wat te oefenen. In de kostuums die zijn broers hem opgestuurd hebben. Eén van het Russische leger, één van het Oekraïense leger.
De andere vrouwelijke protagoniste, de voor dokter studerende Natascha, die nu reservist is van het Oekraïense leger was gisteren aanwezig. Ze kreeg samen met de regisseur een minutenlang applaus. Ik keek naar haar als naar een soort illusie, maar ze stond daar echt. Wat mij het meest trof is dat ze schrok toen ze een vliegtuig hoorde overvliegen in Brussel. Trauma kicked in.
Ik snap het allemaal wel. We moeten voorbereid zijn. En al die moeite om nieuwe soldaten aan te trekken is enkel om die jonge mensen een mooie en stabiele job aan te bieden met doorgroeimogelijkheden. Zo staat het op de site van de informatiecentra :
Wij zijn Defensie. En wij hebben maar één missie. Eén enkele opdracht, maar wel een van de meest complexe die er bestaan. Jouw toekomst beschermen.
Om dat te doen gaan we tot het uiterste. En dan nog een stapje verder. Want elke militair staat ten dienste van de samenleving, 24 uur op 24 en 7 dagen op 7. Zowel in het binnen- als het buitenland. En zo nodig op gevaar voor eigen leven.
Want wat er ook gebeurt in de wereld, jij moet met een gerust hart je leven kunnen leiden. En je geen zorgen maken over nu, of over later.
Jouw toekomst. Onze missie.
Kijk eens aan.
Halverwege de film had ik iets wat op een visioen leek. Tegelijkertijd leek het ook op een absurde tekenfilm.
Ik vroeg mij af hoe dit ooit zou kunnen stoppen. Die drang van de mens, vooral van de mannelijke variant van de mens bovendien, om anderen de dood in te jagen. Met precisie- en andere wapens.
Ik vroeg mij af wanneer militairen niet meer op raketten zullen schrijven ‘voor mijn ouders’, ‘voor mijn dorp’ ‘voor mijn broers’, ‘voor mijn zusters’ ‘dood aan alle...’
Ik vroeg het mij af. Met een alsmaar meer verbeten trek rond mijn mond. Mijn lief kent mij goed. Na de film vroeg ze - toen ik krampachtig knipoogde om te doen alsof alles ok was - of het ging met me. Het ging niet.
Want ik wist dat mijn visioen zich nooit zou voltrekken.
Het was nochtans een heel helder, voor mij vanzelfsprekend beeld.
Het zou allemaal stoppen als al die jonge en oudere mensen, al die mensen die men heeft wijs gemaakt dat het belangrijk is dat ze voor hun vaderland moeten willen sterven, en vechten en de ander als hun vijand zien, diegene die ze moeten overklassen in snelheid en uitgekookte manoeuvres, of gewoon high tech aan flarden schieten van op een - alsmaar grotere - afstand...
Als al die mensen wereldwijd en collectief op exact hetzelfde moment zouden inzien dat het allemaal totaal niet nodig is, elkaar naar het leven te staan, om welke reden dan ook, en de wapens zouden neergooien, elkaar niet meer naar het leven zouden staan, letterlijk de wapens zouden neergooien, omdat eindelijk na al die eeuwen het inzicht ingedaald is, dat er geen winnaars zijn in een oorlog. Enkel huilende, radeloze, van de pijn kermende mensen. En aan flarden geschoten lichamen, onherkenbaar, nog voor levens goed begonnen zijn. Herleid tot een ijzeren plaatje en een zerk als ze geluk hebben.
Het gaat niet gebeuren. De mensheid gelooft er collectief in. Dat het nodig is. Elkaar af en toe eens goed af te maken. De ander te haten, elk met zijn reden en perspectief. Generatie na generatie.
Gisteren zag ik het anderhalf uur lang, haarfijn gefilmd op 16 millimeter, en meesterlijk in elkaar gezet, de verhalen van de protagonisten samen met het grotere verhaal.
Ik sprak een bekend oorlogsverslaggever nadien, Daniel Demoustier, de man weet waar het over gaat. Hij is gehard door al wat hij heeft gezien. Maar zijn ogen spraken boekdelen :
Oorlog is nergens goed voor. Nooit.
Onze toekomst? Onze missie?
NO
MORE
Dat is de enige toekomst waar ik voor teken.
En velen met mij.
Maar jammer genoeg niet allemaal.
Wat een magistrale film die nooit zou moeten kunnen gemaakt zijn is ‘Mariinka’. Merci Pieter-Jan De Pue om het zo haarscherp vast te leggen, aan te scherpen, uit te diepen, erin te duiken, negen jaar lang. Een meesterwerk dat hopelijk hier en daar wat - al dan niet -jonge ogen opent.
Ondertussen blijft de lege kogelhuls op mijn bureau staan, zodat ik er elke dag aan denk :
NO
MORE
WAR


